Terugblik COVID-19 Webinar | overheidsmaatregelen, arbeidsrecht en toekomstscenario’s voor horeca-ondernemers

Terugblik COVID-19 Webinar | overheidsmaatregelen, arbeidsrecht en toekomstscenario’s voor horeca-ondernemers

Tijdens COVID-19 worden ondernemers overspoeld met informatie en oplossingen die door de overheid worden aangeboden. Wat zijn de mogelijkheden? Waar begin je? 

Lightspeed organiseerde vandaag een webinar* voor horeca-ondernemers om een beter inzicht te geven in overheidsmaatregelen en arbeidsrecht. Experts Marvin van Dongen (Horeko) en Rozemie Defrancq (Lightspeed) voorzagen kijkers van de nodige informatie, beantwoordden vragen over het uitvoeren van de noodzakelijke administratieve procedures, en wierpen een kleine blik in de toekomst van de horeca: hoe kom je het beste uit deze periode?

In deze blog zetten we de vragen en antwoorden uit de webinar voor je op een rijtje. Wil je de webinar op je gemak terugkijken? Klik dan op de video hieronder. 

1. De NOW-regeling

Wat houdt de NOW-regeling precies in?

Rozemie: “NOW staat voor Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid.” 

Deze maatregel is ingevoerd ter vervanging van de Regeling Werktijdverkorting. Werktijdverkorting was een bestaande regeling voor werkgevers die tijdelijk geen of minder werk hebben. In dat geval kregen hun werknemers een WW-uitkering voor de niet-gewerkte uren. Bij de uitbraak van COVID-19 steeg de hoeveelheid aanvragen voor Werktijdverkorting explosief. Om overbelasting van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te voorkomen werd per 17 maart de NOW-regeling ingevoerd. 

Vanaf 17 maart kunnen er geen aanvragen voor Werktijdverkorting worden ingediend. Aanvragen die voor die tijd waren ingediend maar nog niet afgehandeld, worden nu onder de NOW-regeling afgerond. Dit heeft wel tot gevolg dat werkgevers die voor 17 maart hun aanvraag al hadden gedaan, eventueel aanvullende stukken moeten aanleveren. 

Een belangrijk onderdeel van de NOW-regeling is de tegemoetkoming in loonkosten. Om hiervoor in aanmerking te komen moet je aan de volgende voorwaarden voldoen: 

  • Een verwacht omzetverlies van minstens 20%
    Dit moet gelden over een periode van drie maanden die tussen maart en eind juli vallen. Het kan dus bijvoorbeeld gaan om maart-april-mei, maar ook om mei-juni-juli. Deze voorwaarde zal geen probleem vormen voor horecazaken die volledig gesloten zijn. Voor horecazaken die nog wel (gedeeltelijk) open zijn geldt dat naar de totale omzet van 2019 wordt gekeken en dit door vier wordt gedeeld voor een zogeheten referentie-omzet. Mocht je een nieuwe zaak hebben, dan wordt alleen gekeken naar de maanden waarover wel omzet is gemaakt.
  • Er mogen geen ontslagen zijn gedaan om bedrijfseconomische redenen
    Dit valt te controleren doordat er voor zo’n ontslag een aanvraag moet worden gedaan bij het UWV (Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen). Als je deze aanvraag tijdens de subsidieperiode doet, dan wordt je subsidie verminderd met 150% van het loon van de ‘te ontslagen’ werknemer(s) gedurende de volle 3 maanden. Blijk je achteraf teveel subsidie ontvangen te hebben, dan zal het UWV dit bedrag terugvorderen. Heb je de ontslagaanvraag al gedaan? Dan heb je vijf werkdagen om deze in te trekken.
  • De werknemers worden nog steeds 100% doorbetaald

De aanvraag voor een NOW-regeling kan gedaan worden bij het UWV door middel van een elektronisch aanvraagformulier. Dit kan tot en met 31 mei 2020.

Hoe wordt het bedrag bepaald en wanneer wordt er uitbetaald?

De tegemoetkoming in loonkosten beslaat tot maximaal 90% van de totale loonsom. Om dit bedrag te bepalen wordt er gekeken naar de loonbelastingaangifte uit januari 2020. De reden dat er ‘tot maximaal’ 90% van de totale loonsom wordt vergoed, is omdat dit percentage nog kan variëren: het wordt gebaseerd op de uiteindelijke omzetdaling. 

Naast de maximale 90% tegemoetkoming, wordt er ook forfaitair 30% bijgeteld voor werkgeverspremies, pensioenbijdragen, en de opbouw van vakantiegeld. Deze 30% is niet in alle gevallen kloppend, maar is als mediaan gekozen om een snellere behandeling van de zaken door het UWV mogelijk te maken. 

De uitbetaling van de tegemoetkoming gebeurt niet meteen voor 100% en vindt plaats in fases. Je krijgt eerst 80% van het vastgestelde totaalbedrag uitbetaald als voorschot, waarvan de eerste betaling plaatsvindt 2 tot 4 weken na de aanvraag. Het tweede en derde deel volgen met telkens een maand ertussen. Achteraf – wanneer het daadwerkelijke omzetverlies bekend is – ontvang je de resterende 20%. Een goede, overzichtelijke uitleg van deze procedure vind je op de website van het UWV.

Wat is de impact van tijdelijke werknemers en flexwerkers voor toepassing van de NOW-regeling?

Rozemie: “Wat betreft werknemers met een contract voor een bepaalde tijd: je hoeft hen geen nieuw contract aan te bieden om gebruik te mogen maken van de NOW-regeling. Wel zal het beëindigen van die overeenkomst een impact hebben op het bedrag wat je ontvangt, aangezien deze afhankelijk is van de loonkosten van jouw onderneming. Het niet verlengen van het contract zal dan worden verrekend in die laatste 20% die achteraf wordt uitbetaald.”

De NOW-regeling geldt voor werknemers met een vast én met een flexibel contract. Ook werknemers voor wie je geen loondoorbetalingsplicht hebt en die niet werken (oproep- of 0-urencontract), kun je blijven betalen. Zelfs stagiaires en BBL (beroepsbegeleidende leerweg) zijn opgenomen in de tegemoetkoming. 

In het geval van uitzendkrachten is het uitzendbedrijf de werkgever. Als je als ondernemer gebruik maakt van uitzendkrachten zul je voor hen dus geen tegemoetkoming ontvangen. 

Is de NOW-regeling populair in Nederland?

Marvin: “De laatste cijfers laten zien dat er op 10 april al bijna 80.000 aanvragen waren. Dit getal telt weliswaar voor heel Nederland en is niet horeca-specifiek, maar het laat wel zien dat er gretig gebruikt wordt gemaakt van deze regeling.”

Toch zijn er ook kritische kanttekeningen op het beleid: hoewel de NOW-regeling 90% van de kosten dekt, liggen de daadwerkelijke percentages die de werkgevers nog moeten bijdragen in veel gevallen een stuk hoger dan de resterende 10%. Dit opgeteld bij de volledig verdwenen inkomsten zorgt alsnog voor (te) hoge kosten.

 

2. Werknemers en arbeidsrecht

De NOW-regeling moet de nodige support bieden aan ondernemers en zekerheid aan hun werknemers. Toch worden er vragen gesteld over wat je als ondernemer in deze tijden nog van je werknemers mag vragen, en wat niet.

Kunnen ondernemers aan werknemers vragen om hun vakantiedagen op te nemen?

Het opnemen van vakantiedagen zal geen direct financieel voordeel opleveren voor ondernemers. Wel is het natuurlijk een fijn idee dat zodra je weer open mag, je op je volledige team kunt rekenen en het maximale uit die periode kunt halen. Anderzijds is vakantie bedoeld voor werknemers om te ontspannen en herstellen – hetgeen in deze periode lastig zal zijn door de opgelegde beperkingen van de overheid. 

Daarom geldt als algemene regel dat een werkgever zijn werknemers niet mag verplichten om vakantie op te nemen als gevolg van COVID-19. Natuurlijk kan er over gesproken worden, maar de werkgever mag geen dwang uitoefenen op zijn werknemers. Dit geldt voor zowel de 20 wettelijke vakantiedagen als de 5 bovenwettelijke vakantiedagen. Ook voor minuren, waarbij iemand nu minder werkt en deze uren later inhaalt door extra te werken, en onbetaald verlof geldt: dit kan alleen in overleg met de werknemer. In het geval van minuren moeten de later in te halen uren daarnaast binnen de grenzen blijven van de Arbeidstijdenwet

Hoewel een werkgever een aantal dagen kan aanwijzen als verplichte vakantiedagen, moet dit vooraf en schriftelijk zijn overeengekomen in de arbeidsovereenkomst of CAO. Deze mogelijkheid is dus niet toegankelijk in de COVID-19 periode. 

Heeft een werknemer nog bovenwettelijke vakantiedagen van het afgelopen jaar staan? Dan mag volgens de horeca CAO de werkgever over die dagen wel beslissen wanneer deze moeten worden opgenomen. 

Hoe zit het met al geplande vakanties van werknemers en het vakantiegeld?

Het is begrijpelijk dat werknemers een al geplande vakantie willen uitstellen, omdat deze nu niet door kan gaan. Werkgevers zijn echter niet verplicht om dit verzoek te accepteren. Je kunt eisen dat de werknemer het eerder gevraagde verlof gewoon opneemt. De begrippen die dan van belang worden zijn redelijkheid & billijkheid. Als de werknemer door deze weigering geen vakantiedagen meer overhoudt om later dat jaar nog weg te gaan, dan is het niet redelijk of billijk om het verzoek tot uitstel te weigeren. 

Het verzoek tot uitstel kan wel geweigerd worden op basis van gegronde bedrijfsredenen. Voorbeelden van gegronde bedrijfsredenen zijn wanneer de toekomstige personeelsplanning en -bezetting in het gedrang komt omdat iedereen zijn verlof tegelijkertijd moet opnemen, of wanneer de werkgever al vervanging heeft geregeld voor de werknemer tijdens zijn verlof – hoewel dit laatste tijdens COVID-19 niet snel aan de orde zal zijn. 

Wat betreft het vakantiegeld is de werkgever verplicht om jaarlijks 8% van het bruto jaarsalaris uit te keren als vakantiegeld aan zijn werknemers. De meeste bedrijven betalen dit bedrag uit bij het salaris in mei of juni. Het is mogelijk om de betaling hiervan over een aantal maanden uit te spreiden of volledig uit te stellen. Ook hier geldt dat dit niet zomaar kan worden toegepast: de werknemer moet akkoord gaan met dit voorstel en het vakantiegeld moet in december 2020 volledig betaald zijn. 

 

3. De TOGS-premie

TOGS staat voor Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren COVID-19. “Dit is een eenmalige premie van €4.000 voor mkb-bedrijven (met of  zonder personeel), die schade lijden door noodgedwongen sluiting, de inperking van bijeenkomsten en/of het negatieve reisadvies”, zegt Rozemie. 

Voorwaarden voor de TOGS-premie

De getroffen sectoren, zoals o.a. de horecabranche, zijn door de overheid vastgelegd. Om te zien of jij bij de getroffen sector hoort wordt op 15 maart 2020 gekeken naar je hoofdactiviteit volgens je inschrijving bij de KVK. Verdere voorwaarden zijn dat je maximaal 250 werknemers in dienst mag hebben en dat je een omzetverlies van minstens €4.000 én minimaal € 4.000 aan vaste lasten verwacht tussen 16 maart en 15 juni. De aanvraag voor de TOGS-premie kan via DigiD of eHerkenning worden gedaan. Het besluit en de uitbetaling duurt minstens drie weken. Als je meerdere ondernemingen hebt met verschillende KVK nummers, kom je in aanmerking voor meerdere tegemoetkomingen. 

De verschillende steunmaatregelen mogen gecombineerd worden, zolang het totaalbedrag niet boven de €200.000 uitkomt. 

 

4. Extra ondersteuning om zelfstandige ondernemers in hun levensonderhoud te voorzien

Er is voor zelfstandigen een tijdelijke bijstandsregeling uitgevaardigd. Dit is de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (afgekort TOZO). Rozemie vertelde er meer over: 

“Zelfstandige ondernemers, waaronder ook ZZP’ers, kunnen voor een periode van drie maanden een aanvullende inkomensondersteuning krijgen voor hun levensonderhoud. Het inkomen wordt dan aangevuld tot het sociaal minimum (al naargelang je leeftijd en of je samenwoont). Deze bijstand hoeft niet te worden terugbetaald. De inkomensondersteuning geldt voor max. 3 maanden (maart-april-mei)

Hiervoor is een versnelde procedure uitgewerkt die verloopt via de gemeenten. Er wordt geen vermogens- of partnertoets toegepast en ook geen toets op levensvatbaarheid. Wel moet je voldoen aan het urencriterium: je moet minstens 1.225 uur per jaar je zelfstandig beroep uitoefenen.

Deze ondersteuning is ook mogelijk in de vorm van een lening voor bedrijfskapitaal tot maximaal €10.157 tegen een verlaagd rentepercentage (2%) voor een looptijd van maximaal 3 jaar.”

 

5. Financiële steunmaatregelen voor ondernemers

Volgens Rozemie zijn er veel mogelijkheden op het gebied van financiële steunmaatregelen. “Enerzijds kun je uitstel van betaling krijgen voor bestaande schulden. Anderzijds kun je ook leningen of kredieten krijgen.” 

Uitstel van betaling

Belastingen en uitstaande leningen kunnen op verschillende manieren worden uitgesteld. 

Belastingen

Alle ondernemers en ZZP’ers, ongeacht sector, kunnen gebruik van maken van dit betalingsuitstel. Dat kan gaan om je inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, BTW, loonheffingen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet.

Je kunt ook uitstel aanvragen voor andere type belastingen zoals verbruiksbelasting alcoholvrije dranken, accijnzen op o.a. alcohol, milieubelasting, etc. In dat geval krijg je drie maanden extra tijd om deze belastingen te betalen. Het uitstel geldt voor de belastingschuld op moment van aanvraag, maar ook voor de schulden die er in de drie uitstelmaanden bijkomen.

Verzuimboetes voor het niet op tijd betalen, hoeven niet te worden betaald en worden teruggebracht naar 0. Aangifteverzuimboetes blijven wel staan. 

De invorderingsrente – dat is de rente die ingaat na het verstrijken van de betalingstermijn – wordt tijdelijk verlaagd van 4% naar bijna 0,01%. Dit geldt ook voor alle belastingschulden. Hetzelfde geldt voor de belastingrente – dat is de rente op het stuk dat je te weinig heb voorafbetaald. Ook die wordt teruggebracht naar 0,01%.

Gemeentebelastingen 

Andere belastingen, zoals de onroerendezaakbelasting (ozb), toeristenbelasting, reclamebelasting  en de precariobelasting worden (tijdelijk) opgeheven door de gemeenten. De Vereniging Nederlandse Gemeenten adviseert gemeentes om hun plaatselijke ondernemers wat meer financiële ademruimte te geven, bijvoorbeeld door uitstel van betaling te verlenen of de mogelijkheid om gespreid te betalen. 

Bestaande leningen

Een aantal banken hebben aangekondigd om kleinere ondernemers te ontzien door gezonde bedrijven 6 maanden uitstel van aflossingen op hun leningen (tot €2,5 miljoen) te geven. Neem contact op met je eigen bank om de mogelijkheden te horen.

Bijkomende kredieten

Er zijn er vier mogelijkheden om via kredieten meer geld te ontvangen voor je onderneming:

  1. Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (TOZO), waarbij zelfstandigen en ZZP’ers in aanmerking komen voor een krediet van €10.000 in plaats van inkomensondersteuning.
  2. Leen via de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB-C) regeling meer en sneller bij banken. Dit is een bestaande regeling waarbij de overheid zich gedeeltelijk garant stelt voor een lening door een ondernemer. 
  3. Vraag een microkrediet aan bij Qredits. Qredits biedt micro-kredieten tot €250.000 aan, waarbij de ondernemer meteen 6 maanden uitstel krijgt van zijn aflossingsverplichtingen – tijdens die periode geldt een lage rente van 2% rente. 
  4. Vraag een Flitskrediet aan, waardoor je snel tot €100.000 kan lenen. Let op: aan een snel en hoog bedrag hangt een hogere prijs. Doe je research voordat je hiervoor tekent. 

 

6. Na COVID-19: wanneer de horeca weer open mag

Marvin van Horeko schetst een aantal scenario’s voor als de horeca weer mag openen: “de heropening van de horeca zal geleidelijk gaan. Het is nog onzeker of we een ‘anderhalve meter-maatschappij’ gaan krijgen. Wel staat vast dat het anders gaat zijn dan dat het was.” 

Het is nog niet te voorspellen hoe vaak de consument de horeca gaat bezoeken en hoeveel ze gaan besteden. Terugkijkend naar eerdere crises blijkt dat diegenen die hun baan hebben behouden niet veel zullen veranderen in hun bestedingen. Daar staat tegenover dat veel mensen als gevolg van COVID-19 hun baan zijn verloren, hun bestedingen natuurlijk wel aanpassen. 

Naast de negatieve voorspellingen zijn er ook hoopvolle geluiden dat gasten hun vakanties in eigen land zullen doorbrengen. Mocht dit het geval zijn, dan zullen ze in die periode meer lokale horeca bezoeken. “Het zal niet geheel dekkend zijn voor het omzetverlies, maar alle beetjes helpen”.

 

7. Tips voor horeca-ondernemers om zich voor te bereiden op de heropening

“In de periode na COVID-19 wordt rendement belangrijker dan ooit”, aldus Marvin. Ter voorbereiding op de heropening van je horecazaak is het om die reden verstandig om een duidelijk inzicht te krijgen van je omzet en kosten. 

De basis van een goed rendement begint bij een goede kostprijsberekening. Dit geeft inzicht in het rendement van een gerecht of drank. Is de marge te laag? Overweeg dan de verkoopprijs aan te passen, of ga het gesprek aan met je leveranciers voor een lagere inkoopprijs. Als je eenmaal weet welke gerechten een goede marge hebben, kan je bediening deze gerechten aanprijzen. Omdat de kans groot is dat het het aantal gasten omlaag gaat, wordt het extra belangrijk om te focussen op een hogere gemiddelde besteding.

Je kunt ook je kaart onder de loep nemen. Wanneer er een lagere omloopsnelheid is, is de kans op derving een stuk groter. Dat gaat weer ten koste van je rendement. Daarnaast kun je overwegen om, met zicht op de anderhalve meter afstand, een kleinere kaart aan te bieden, zodat de bezetting in de keuken omlaag kan en ook zij meer afstand kunnen houden.

Ondanks dat nog niet duidelijk is hoe en wanneer de heropening zal plaatsvinden, kun je wel al verschillende scenario’s uitwerken. Denk bijvoorbeeld ook aan de routing in je restaurant en hoe je ervoor gaat zorgen dat het personeel zo min mogelijk direct contact heeft met gasten. 

 

8. Lange termijn zaken om mee aan de slag te gaan  

Marvin geeft aan dat het belangrijk is om op lange termijn te blijven sturen op de cijfers. “Zodra de horeca weer open mag, gaan meer ondernemers vechten om de omzet van minder gasten. Het is belangrijk dat ondernemers niet harder gaan werken, maar wel slimmer om zich zo snel aan te passen daar waar nodig is.”

Menu engineering kan daarbij helpen. Dit is een analyse waarbij marge (in euro’s) vergeleken worden met verkoopcijfers uit de kassa. Dat geeft inzicht in welke gerechten op de kaart goed presteren en welke niet. Doe deze analyse nogmaals zodra je weer open mag, omdat het consumentengedrag niet meer hetzelfde zal zijn als voor de Coronacrisis. Doe deze analyse regelmatig en durf naar aanleiding van de uitkomst de nodige aanpassingen te maken. 

“Het zal ook na de heropening een tijd lang spannend blijven voor de horeca. Echter is de horecasector belangrijk voor ons land, niet alleen op economisch gebied, maar ook voor iedereens gezondheid. Ik heb er vertrouwen in dat horeca-ondernemers en -ondernemingen die mee veranderen, het gegund is om deze crisis te boven te komen”, aldus Marvin.

*Alle juridische, financiële of fiscale inhoud wordt uitsluitend ten informatieve titel verstrekt en is geen vervanging voor het verkrijgen van advies van een gekwalificeerde juridische of boekhoudkundige deskundige. Hoewel we ernaar streven om accurate inhoud te leveren, kunnen we niet verantwoordelijk worden gesteld voor handelingen of nalatigheden op basis van de aldus verstrekte informatie.”

Leer alles over voorraadbeheer voor restaurants

Leer alles over voorraadbeheer voor restaurants